liefde


Oh wonderbaar

Oh wonderbaar, verberg je niet.
Vandaag heb ik je lief. Ik heb geen nood
aan veiligheid, onzeker spring ik in het diep.
Je bent al mooi voor ik je ken.

Neem me over, zing je lied. Bij jou
vind ik mijn troost. Je smelt de sneeuw.
Je opent velden. Je laat de gratie dansen.

Ik was nog niets tot jij jouw niets
in dat van mij vervlocht.


Impression Palindrome

ik bel je op en tel je namen | ik hoor slechts twaalf en weet er twee
ik vraag
of jij me straks rondleiden wil | dat gaat niet
er is geen tijd
laat staan
een richting

wanneer je ooit | veroverd werd
door mij of iemand anders
ging nooit een slag of stoot verloren | maar nerven werden dieper
juwelen werden vuiler
je huizen | pleinen nieuwer

ik lach altijd wanneer je weer
je links en rechts verwart

en eigenlijk | woon je alleen
en eigenlijk kan niemand zeggen hoe schoon je bent
en | of hoe vaak je vecht
met mij of iemand anders
in tuinen | verborgen en versierd

en net als jij heb ik geen doel
wil ik slechts vallen
vergeten
ondergaan onder | gaan
jij vraagt
je namen niet te tellen | en enkel jou te kennen

(voor N9)


Diefstal n°7

We zitten nu, jij tegenover en ik naast.
Ik roep je naam uit duizend hoofden.
Je glimlach doet de zon ontstaan. Ik ben
al weken blind. Er is geen links, ik ken geen rechts.

Je raven wachten bij mijn hart. Ze schreeuwen
vrolijk, doen mijn vlucht vertragen. Hun zwarte jas
versiert de bloemen en de slingers. Ik heb
naar deze dag verlangd. Naar stilte. Naar
hoe je wemelt. Hoe je krast. Klopt. Nog nooit
wist ik me meer bemind.

(voor Karo)


als

ik heb je liever als de zon

– ik heb je liever als de zon wat?

wat?

– ik heb je liever als de zon opkomt? of als de zon ondergaat?

nee, altijd

– altijd is te lang

nu dan. voortdurend

– voortdurend onvoorwaardelijk liever?

dat bedoel ik. ik kan niet stoppen

– alles kan stoppen

ik niet. ik heb je liever

– dan?

ja. ik heb je liever dan alles


tussenin

voel je niet hoezeer ik warmte radieer
en hoe ik keer op keer je bekkenen
trotseer. je hebt mijn slaap ontvoerd, mijn
kippenvel tot soep geroerd.
je straling heeft mijn hals gesnoerd
en mijn geheim geïmmobiliseerd. mijn trucs
ben ik verleerd. je hebt mijn dorst bedwongen,
in één ogenblik verteerd.

ik heb je heel mijn tekst gezongen, mijn liefde uit
haar hoek gewrongen. je kreten
springen in mijn longen. je hijgen nog veel hoger.
waarom ik hier mezelf verlies, mijn keuzes maak naar
jouw advies, ik kan psychisch niet minderen, de
hinder van je passie, het geluk van mijn gevecht.

je houdt me telkens vaster, geen gulzigheid
maar lof, ik wil hier weg en nooit meer
ergens anders zijn, nooit meer.